Besparen

Waarom je spaargeld in 2026 stilletjes minder waard wordt

· 5 min leestijd

Er staat waarschijnlijk wat geld op je spaarrekening. Misschien een noodpot, misschien wat extra. Je bank geeft je daar rente over, dus het saldo groeit een beetje. Prima toch? Niet helemaal. Want terwijl jouw saldo langzaam toeneemt, stijgen de prijzen sneller. Per saldo ben je minder rijk dan je denkt.

Dit is geen alarmisme, maar gewoon rekenkunde. Spaarrentes bij Nederlandse banken liggen momenteel tussen de 1 en 2 procent. De inflatie in Nederland lag over 2025 gemiddeld rond de 3 procent, en ook dit jaar blijft die druk aanwezig. Die kloof tussen rente en prijsstijging heeft een naam: negatieve reële rente. Dat betekent dat jouw koopkracht daalt, ook al staat het getal op je scherm hoger dan vorig jaar.

Wat negatieve reële rente in de praktijk betekent

Stel je hebt €10.000 op een spaarrekening met 1,5 procent rente. Na een jaar heb je €10.150. Netjes. Maar als de inflatie 3 procent is, kosten de spullen die je vorig jaar voor €10.000 kocht, nu €10.300. Jouw €10.150 is dus minder waard in echte koopkracht dan je €10.000 een jaar eerder was.

Het verschil lijkt klein, maar over meerdere jaren telt het op. Vijf jaar lang een reëel verlies van 1,5 procent per jaar op €20.000 kost je ruim €1.500 aan koopkracht. Geld dat verdampt terwijl het gewoon op de bank staat.

Hoe dit kon gebeuren

Na jaren van lage rentes verhoogde de Europese Centrale Bank de rente fors om inflatie te beteugelen. Dat hielp: de inflatie daalde. Maar banken reageerden traag. Ze verhoogden hun spaarrentes voorzichtig, maar nauwelijks evenredig. En nu de ECB de rente alweer terugschroeft, gaan spaarrentes mee omlaag, terwijl inflatie nog steeds aanwezig is.

Het resultaat: de marge tussen wat jij verdient op je spaargeld en wat prijzen stijgen, is dunner dan je zou willen. Het CBS houdt de inflatie nauwkeurig bij en de recente cijfers laten zien dat de gemiddelde prijsstijging structureel boven de meeste spaarrentes uitkomt.

Moet je dan stoppen met sparen?

Nee. Een noodpot op een spaarrekening heeft een functie die geen enkel beleggingsproduct kan vervangen: het is er als je het nodig hebt, zonder risico en zonder wachttijd. De vuistregel is drie tot zes maanden netto-inkomen achter de hand houden als buffer.

Maar alles boven die noodpot? Dat is de vraag waard of sparen de beste plek is. De Consumentenbond vergelijkt spaarrentes van alle Nederlandse banken. Als je al jaren bij dezelfde bank zit, is de kans groot dat er ergens anders een hoger percentage te halen valt, soms twee keer zo hoog.

Alternatieven die je koopkracht wél beschermen

Er zijn een paar manieren om je spaargeld harder te laten werken:

  • Hypotheek sneller aflossen. Als je een hypotheek hebt met een rentepercentage van 4 procent, geeft extra aflossen een gegarandeerd rendement van 4 procent. Veel meer dan spaarrente oplevert. Kijk wel hoeveel je boetevrij mag aflossen per jaar, want de meeste banken stellen een jaarlijks maximum.
  • Beleggen voor de lange termijn. Wie het geld de komende vijf jaar niet nodig heeft, kan overwegen om een deel te beleggen in brede indexfondsen. Historisch gezien renderen die gemiddeld meer dan inflatie over langere periodes. Maar beleggen brengt risico mee, een dalende markt doet pijn als je het geld op korte termijn nodig hebt. In ons artikel over investeren voor later lees je welke opties het meest geschikt zijn voor beginners.
  • Energiebesparende verbouwingen. Geld steken in betere isolatie, een warmtepomp of zonnepanelen levert direct lagere maandlasten op. Dat is een gegarandeerd rendement in de vorm van lagere kosten, jaar na jaar. Lees ook hoe je besparen en vergroenen combineert.
  • Hogere spaarrente zoeken. Online banken en buitenlandse EU-banken bieden soms 2 tot 3 keer meer dan de grote Nederlandse spelers. Het geld blijft veilig onder het Europese depositogarantiestelsel, tot €100.000 per bank per persoon.

Dit is wat je morgen kunt doen

Je hoeft geen drastische beslissingen te nemen. Begin met de simpele stap: kijk hoeveel rente je nu krijgt op je spaarrekening. Als het onder de 2 procent zit, is er waarschijnlijk een betere optie beschikbaar.

Daarna bekijk je hoeveel geld boven je noodpot staat. Dat overschot is het bedrag waar je een bewuste keuze over kunt maken: beleggen, aflossen of investeren in je woning. Alledrie leveren op de lange termijn meer op dan de meeste spaarrentes. Je spaargeld staat niet stil. Het verliest al een beetje koopkracht, elke maand. De vraag is alleen of je dat accepteert, of er iets aan doet.

M
Geschreven door Meike Janssen Financieel blogger & ex-accountant

Meike begon GeldBlogster vanuit frustratie dat financiële content vooral door en voor mannen werd gemaakt. Als voormalig accountant bij een Big Four kantoor weet ze precies hoe geld werkt, maar ze weigert in jargon te praten. Meike betaalde haar studieschuld van 30.000 euro in vier jaar af door slim te budgetteren en een side hustle op te bouwen. Ze is moeder van twee en laat zien dat financieel bewust leven ook kan met een druk gezinsleven. Haar guilty pleasure is dure koffie die ze beschouwt als haar enige niet-gebudgetteerde uitgave.